Celreiniging

‘Dominee, wilt u mijn cel reinigen? Het voelt gewoon niet goed hier, ik heb er last van.’ Die vraag neem ik serieus.

Wie weet wat er op deze cel gedacht, gedaan en gebeurd is. Veel mensen ‘binnen’ zijn daar gevoelig voor. We maken een afspraak op cel. Ik neem mijn Bijbel mee, een gebedskaarsje, en een klein flesje olijfolie. Als we zitten, leg ik uit wat we gaan doen.

Dan steken we een gebedskaarsje aan: licht als teken van Gods aanwezigheid. Ik spreek een gebed uit waarin we God vragen of Hij erbij wil zijn. Ik lees: Jezus zei: ‘Stel je eens voor: Een kwade geest woont in een man. Op een dag gaat die kwade geest uit hem weg. De geest zwerft door de woestijn. Hij zoekt een plek om te rusten, maar vindt die niet. Dan denkt hij: Ik ga terug naar huis, naar de man in wie ik eerst woonde. De kwade geest komt terug en ziet dat zijn huis leeg en schoon is. Het is klaar om in te wonen. Dan roept hij er zeven andere geesten bij, die nog erger zijn dan hijzelf. En allemaal gaan ze in die man wonen. Dan gaat het met die man nog slechter dan daarvoor.’ (Matteüs 12:43-45)

We praten hierover: We kunnen bidden dat God de herinneringen en geestelijke invloeden in deze cel onschadelijk maakt. Maar dan ook deze vragen: Heb jijzelf hier dingen die eigenlijk weg moeten? En: waar ga jij het mee vullen? Want anders helpt het je niet wat we hier doen.

Daarna bidden we. Om een krachtige werking van Gods Geest, dat hij alles wat niet goed is hier weghaalt en onschadelijk maakt. Dat Hij ons sterk maakt door zijn Geest om goed te leven, hier en overal. We eindigen met het Onze Vader. Dan pak ik mijn flesje. Gewone olijfolie, leg ik uit, geen bijzonder kracht. Maar in de Bijbel teken van Gods Geest. En smeer ik een beetje langs alle openingen van de kamer (deur en raam), teken dat Gods Geest werkt als wij daarom bidden.

Door Dominee Gerard

Uit het jubileumboek 'Binnenste Buiten'

Copyright © 2022 Justitiepastoraat - Alle rechten voorbehouden